Nederland vergrijst snel. Tegen 2040 zal bijna één op de vier inwoners ouder zijn dan 65 jaar. Deze groep leeft over het algemeen langer en blijft ook langer actief én mobiel. Omdat ouderen andere reispatronen hebben dan jongere leeftijdsgroepen, zal deze demografische verschuiving ingrijpende gevolgen hebben voor onze verkeerssystemen. Wat weten we al? En wat nog niet?

Wat zijn de mobiliteitskenmerken van senioren? Terwijl jongeren over het algemeen wat minder reizen, nemen ouderen steeds meer deel aan het verkeer – vaak met de auto, de fiets of te voet.1Zie Grijs op reis – Over de mobiliteit van ouderen, rapport, Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid, oktober 2008. Comfort, veiligheid en voorspelbaarheid zijn daarbij belangrijker dan snelheid of efficiëntie. De ritten die ze maken zijn ook korter, meer lokaal. De kwaliteit van de wandel- en fietsinfrastructuur in hun directe omgeving is daarom essentieel voor het behoud van hun zelfstandigheid. Dat helpt ze ook actief te blijven, de zorgkosten te verlagen en sociale isolatie te voorkomen.2Zie Tijd en ruimte voor ‘verzilvering’, paper voor het Colloquium Vervoersplanologisch Speurwerk door Ben Immers, Maria Kuiken en Sjef Moerdijk, november 2013.
Belemmeringen en uitdagingen
Hoewel ouderen een belangrijke en groeiende groep verkeersdeelnemers zijn, ondervinden ze nog altijd de nodige obstakels. Digitale uitsluiting is een belangrijk probleem: veel ouderen hebben moeite met digitale mobiliteitsmiddelen zoals reisapps of e-ticketing. De infrastructuur is vaak niet vriendelijk voor ouderen – denk aan smalle trottoirs, hoge stoepranden of slecht afgestelde voetgangerslichten. Ouderen zijn ook (fysiek) kwetsbaarder op straat, zeker als ze afhankelijk zijn van hulpmiddelen als de scootmobiel.
Cognitieve en lichamelijke achteruitgang kan het rijvermogen beïnvloeden, terwijl velen toch afhankelijk blijven van hun auto om zelfstandig en sociaal actief te blijven.
Daarnaast bestaan er regionale verschillen en verschillen tussen stedelijk en landelijk. In landelijke gebieden zijn de openbaarvervoeropties vaak beperkt en de afstanden tot basisvoorzieningen fors. Dit is voor iedereen zo, maar zal ouderen harder raken.
Efficiëntie versus inclusiviteit
In het huidige verkeerssysteem is er veel aandacht voor efficiëntie – snelheid en doorstroming – en minder voor inclusiviteit. Gelet op de vergrijzing zouden ons verkeerssysteem en de infrastructuur juist inclusiever moeten worden: meer ingericht op tragere, minder wendbare weggebruikers. Denk dan aan een duidelijke, voorspelbare inrichting van kruispunten, langere oversteektijden, bredere fietspaden enzovoort. Ook emotionele en psychologische veiligheid verdient aandacht, met bijvoorbeeld rustplekken en goed verlichte paden. Al deze maatregelen komen trouwens álle reizigers ten goede, niet alleen ouderen.
Om deze kwesties aan te pakken, hebben we wel betere data nodig: over hoe complex ‘zilveren reizigers’ het verkeer en verkeersmanagementmaatregelen ervaren, over hun gebruik van openbaar vervoer en gedeelde mobiliteit, over de verschillen in toegankelijkheid tussen stedelijke en landelijke gebieden, en over reisgedrag, zoals reisdoelen, afstanden, reisgezelschap en vervoerskeuze. Daarnaast zou het goed zijn te onderzoeken of – en zo ja, hoe – technologie, zoals autonome voertuigen en mobiliteitsapps, de zelfstandigheid van ouderen kan ondersteunen.
Inclusieve mobiliteit voor alle leeftijden
Mobiliteit is meer dan verplaatsing: het gaat om sociale inclusie, mentale gezondheid en economische participatie. Een verkeerssysteem dat werkt voor ouderen, werkt voor iedereen. Door eenvoud, toegankelijkheid en empathie centraal te stellen in het ontwerp, beleid en beheer, zorgen we ervoor dat ouderen niet worden uitgesloten – maar dat ze kunnen blijven deelnemen aan de maatschappij.
____
De auteurs
Eleni Charoniti MSc. is mobiliteitswetenschapper bij TNO.
Isabel Wilmink MSc. is senior scientist en kennismanager bij TNO.
Dit is een artikel uit Verkeer in Nederland 2025 van TrafficQuest. Abonnees van NM Magazine hebben deze publicatie als bijlage bij het tijdschrift ontvangen. De publicatie is ook te downloaden op de site van TrafficQuest en via deze site.
